BLEEKWEIDE

gevoelsplekken ER

Gevoelsplekken ER

Emotionele Remediëring, kortweg ER, is het preventieproject van De Bleekweide dat momenteel over heel Vlaanderen wordt uitgebouwd. We maken ‘gevoelsplekken’.

Het idee groeide letterlijk (op) in onze tuin. De extra ‘therapieplekken’ ondersteunden de visie en de methodiek die bij onze begeleidingen centraal stonden en staan: ‘gevoelens een plek geven’.

Door de gevoelsplekken te integreren in de therapie, ontstond een uiterste werkbaar en efficiënt model, dat de Bleekweide-expertise verder ondersteunt en versterkt. Emotionele remediëring, door middel van gevoelsplekken, vormde ook onderdeel van een wetenschappelijk onderzoek mét pilootopstellingen in een twintigtal Vlaamse sites.

Nu wordt ER - het installeren van gevoelsplekken - aangeboden als (opleiding)pakket, mét een door De Bleekweide begeleid stappenplan. Het project wordt uitgewerkt in diverse Vlaamse scholen, op speelplaatsen, in instellingen en zelfs in stadswijken. Het preventieproject komt tegemoet aan een grote vraag bij leerkrachten en hulpverleners: het emotionele welbevinden van kinderen en jongeren vergroten.

Uitgangspunt

Jarenlang empirisch werk met kinderen en jongeren in de eerste- en tweedelijnszorg leert ons dat emotioneel belastende situaties, waarbij gevoelens worden opgekropt, zich soms vele jaren later kunnen uiten in moeilijk en zelfs extreem ‘onhandelbaar’ gedrag en handelingen.

Kinderen ontploffen, doen woede aanvallen, worden over-beweeglijk, kruipen eenzaam weg in een hoekje, worden moe (overbelast), krijgen hoofdpijn, zetten muren op en dragen maskers. Schoolresultaten gaan er –al dan niet tijdelijk – op achteruit. Er ontstaat schoolmoeheid, levensmoeheid.

Volwassenen bestempelen bovenstaande signalen vaak als een stoornis. Maatschappelijk gezien bestaat er een grote drang om dergelijk ‘gedrag’ te omschrijven, te vatten in diagnoses, te ‘behandelen’ met medicatie, te labelen, te categoriseren.

Wij bij Bleekweide delen de visie (Toye & vandeGucht, z.j.) dat het aanleren van de vaardigheid om met eigen emoties om te gaan de identiteits- en emotionele ontwikkeling, alsook het emotioneel welbevinden van kinderen en jongeren, constructief beïnvloedt. 

What’s in a name

De term ‘emotionele remediëring’ werd voor het eerst gebruikt op een congres door coördinator van De Bleekweide (Lut Celie). Professor Mortelmans had gevraagd om empirische reflecties te maken op een wetenschappelijk onderzoek en deze voor te stellen op het congres “Scheiden in meervoud: over partners, kinderen en grootouders”, april 2013, Universiteit Antwerpen.


‘Emotionele remediëring’ werd nadien als benaming meegenomen in de eindconclusies van Prof. Mortelmans én in het boek ‘Scheiden in meervoud’: “vervolgens is het belangrijk om binnen de schoolmuren naast cognitief remediëren om schoolachterstand weg te werken ook oog te hebben voor emotioneel remediëren” (Pasteels, Mortelmans, Bracke, Matthijs, Van Bravel, & Van Peer, 2013, p. 324)

‘Emotionele remediëring’ is een ervaringsgerichte methode die emoties erkenning geeft én de toestemming om ze te veruiterlijken. Elk kind, elke jongere kan leren om een opgekropte, ontaarde emotie om te zetten in een constructieve taal. Uit ervaring en onderzoek (van den Broek, Slagboom,& Schoot, 2011) blijkt dat het non-verbale karakter weerstanden verlaagt en kinderen stimuleert tot exploratie.

Emotionele remediëring voorkomt ontspoorde emoties en emotionele blokkades en bevordert het emotioneel welbevinden en de draagkracht van kinderen en jongeren.

Emotionele Remediëring

Gevoelsplekken installeren

De Bleekweide installeert volgens een uitgewerkt 12-stappenplan ‘gevoelsplekken’ in diverse settings. Gevoelsplekken zijn tastbare, afgebakende plekken waar een bepaalde emotie en de daarmee gepaard gaande gedragsuitingen op een constructieve manier kunnen worden (h)erkend, benoemd, veruiterlijkt en verwerkt. Hierdoor kunnen kinderen en jongeren hun emoties beter reguleren en verhoogt het emotioneel welbevinden.

Dit project kan preventief worden ingezet in de nulde en eerste lijn wegens zijn laagdrempeligheid, met minimale input en maximale output. Het brengt grote veranderingen teweeg in gedrag, handelingen en reacties van kinderen en jongeren. Zo oordeelden reeds verschillende sites (scholen) waar de gevoelsplekken volop worden gebruikt.

Het project wordt als vernieuwend én efficiënt ervaren. Het reikt extra vaardigheden aan en nieuwe mogelijkheden om adequaat om te gaan met opgekropte emoties. Leerkrachten gewagen op de speelplaatsen van zichtbaar dalende agressie.

De tweede- en derdelijnszorg toont eveneens grote interesse. Ook daar worden de eerste gevoelsplekken geïnstalleerd en in gebruik genomen. 

Het wetenschappelijk onderzoek

Concreet, hoe aanvragen

Dit preventieproject van De Bleekweide werd wetenschappelijk onderzocht aan de faculteit psychologische en pedagogische Wetenschappen UGent.

Vakgroep: Orthopedagogie.

Academiejaar: 2016-2017

Promotor: Prof. Dr. Geert Van Hove

Geassocieerde masterproef: Lisa De Palmenaer en Lut Celie

Titel: gevoelsplekken maken: methode voor emotionele remediëring. Een actieonderzoek

Concreet

Elke school of instelling kan contact opnemen met De Bleekweide om zich verder in te lichten over de mogelijkheid tot deelname aan het project Emotionele Remediëring.

Samen wordt de vraag bekeken alsook de mogelijkheid tot uitvoering. Gevoelsplekken, Emotionele remediëring wordt aangeboden als pakket, en begeleid vanuit de Bleekweide.

Visie

Jarenlang empirisch werk met kinderen en jongeren leert ons dat emotioneel belastende situaties (pesten-(vecht)scheiding-zelfdoding-verliezen door de dood, onzichtbare verliezen, verlies aan liefdevolle aandacht…) het ‘emotioneel welbevinden’ van kinderen en jongeren in de weg staat.

Emotioneel belastende situaties waarbij gevoelens worden opgekropt tonen zich, vaak jaren later, in moeilijk en extreem ‘onhandelbaar’ gedrag en handelingen. Kinderen ontploffen, doen woede aanvallen, worden overbeweeglijk, kruipen eenzaam weg in een hoekje, worden moe (overbelast lichaam), krijgen hoofdpijn, zetten muren voor zich en dragen maskers. Hun schoolpunten gaan fel (vaak tijdelijk) naar beneden.

De ER-methode is een ervaringsgerichte, laagdrempelige, non-verbale methode die emoties erkenning geeft alsook de toestemming om deze te veruiterlijken. Elk kind, elke jongere kan leren om een opgekropte, ontaarde emotie om te zetten in een constructieve taal.

Het project bestaat erin om ‘buiten’ gevoelsplekken te bouwen. Gevoelsplekken zijn tastbare, afgebakende plekken waar een bepaald gevoel en daarmee gepaard gaande gedragsuitingen op een constructieve manier worden (h)erkend, benoemd, veruiterlijkt en verwerkt. Zo kunnen kinderen en jongeren hun emoties beter reguleren en hun emotioneel welbevinden verhogen. Ervaring leert ons dat het non-verbale karakter van een interventie de weerstand verlaagt waardoor kinderen en jongeren gestimuleerd worden tot exploratie en exposure. ER kan helpen wanneer een gevoel dreigt te ontsporen in moeilijk en extreem gedrag.

Eén van de conclusies binnen ons wetenschappelijk onderzoek leert ons dat ER zich pas als een duurzaam product kan ontwikkelen als we het gedachtegoed achter ER en het bijhorend 12-stappenplan integreren en implementeren in een site. Hierbij zijn de kinderen en jongeren zelf belangrijke co-researchers.

Dit preventieproject werd wetenschappelijk onderzocht aan de faculteit psychologische en pedagogische Wetenschappen UGent, vakgroep Orthopedagogiek in het academiejaar 2016-2017. Titel van deze masterthesis: “Gevoelsplekken maken: methode voor emotionele remediëring. Een actieonderzoek”.
Hieronder vind u de visietekst verbonden aan deze masterthesis.


De visie en het achterliggende theoretisch kader van het concept ‘emotionele remediëring’ (ER) ligt in de integratie van diverse stromingen en visies. Deze integratie krijgt soms kritiek. In Naar een integratieve handelingsorthopedagogiek (Broekaert, 2009) lezen we: “De uitzonderlijke hoge eis die deze wetenschap stelt, botst vaak op de rationalisatie der onkunde: of het verdedigen dat integratieve kennis leidt tot een tekort doen aan de specialistische; met als gevolg oppervlakkigheid” (Broekaert, 2009, p. 7).

De toepassing van het integreren stelt De Bleekweide in staat om vanuit een grote vakkennis, flexibiliteit en beweeglijkheid en vanuit de behoeftes en noden van de cliënt een begeleiding aan te bieden. Het respect voor de eigenheid van de hulpvrager staat voorop, zodat de dynamiek van het proces een zoektocht blijft naar wat werkt of niet werkt voor de cliënt. De Bleekweide ervaart deze manier van kijken als een verrijking waarbij de draagkracht, de mogelijkheden en kwaliteiten van een individu naar boven worden gehaald. Prof. Freddy Mortier (persoonlijke communicatie, 11 september, 2015) verwoordde het op het congres van de Orthopedagogiek in 2015 tijdens zijn uiteenzetting ‘Ethiek en orthopedagogiek: Enige ethische reflecties op ontwikkelingen in de orthopedagogische zorg’ als volgt: “Zijn we niet allen dragers van beslissingen die we zelf kunnen nemen?”

Na jarenlang opgebouwde empirische ervaring in het begeleiden van kinderen en jongeren met (gedrags- en) emotionele problemen en door gesprekken met ouders, leerkrachten en hulpverleners, kwamen we tot de bevinding dat emoties, eens opgekropt, vaak ontsporen in moeilijk of extreem gedrag. Hiervoor wordt in De Bleekweide de metafoor gebruikt van het ‘emotionele vat’.

Het emotionele vat is een vat waar gevoelens in geduwd worden, in evenwicht zijn of onder druk kunnen transformeren in gedrag, handelingen of reacties. Het vat kan imploderen of exploderen. Leren omgaan met het ‘vat’ is een belangrijk issue in De Bleekweide. Elk gevoel mag gevoeld worden en elk gevoel is oké. We leren groot en klein op een constructieve manier om te gaan met (soms moeilijk of ontspoord) gevoel.

Dit signaalgedrag toont zich vaak onder de vorm van een storing op drie niveaus. Op mentaal niveau zitten signalen als concentratiestoring, zorgen, piekeren, waaromvragen, ‘mijn hoofd zit vol’. Op lichamelijk niveau zijn de signalen buikpijn, hoofdpijn, vermageren, misselijkheid, spierpijn, vermoeidheid, en op emotioneel niveau heb je woedeaanvallen, angsten, extreem missen, zich afgewezen voelen, verbittering, schuldgevoelens. Deze signalen staan in verbinding met elkaar en worden vanuit de drie niveaus geuit in gedrag(ingen).

In het boek Scheiden in meervoud: over partners, kinderen en grootouders wordt het verband geformuleerd tussen het cognitieve en het emotionele functioneren: “Leerkrachten zijn gebaat bij het besef dat een verstandig kinderhoofd maar optimaal kan functioneren mits een vreugdevol kinderhart” (Pasteels, et al., 2013, p. 325).

Deze signalen worden getoond aan de buitenwereld. We beschrijven deze met een metafoor als “de eerste stoel”. De eerste stoel staat voor wat zichtbaar en objectief waarneembaar of observeerbaar is. De eerste stoel is vaak goed gekend bij ouders en begeleiders van kinderen en jongeren.

In de Bleekweide kijken we met een dubbele bril. Als metafoor gebruiken we hiervoor ‘de tweede stoel’. We kijken verder dan de eerste stoel. Dit betekent concreet: “Ik zie wat je toont (eerste stoel) maar wat wil jij mij écht vertellen? Wat is de achterliggende boodschap van jouw signalen? Kan ik deze beter leren begrijpen?”. In het beter leren begrijpen van deze signalen nemen we een levens- of verliesgeschiedenis mee, situaties en context, een maatschappij. ‘Anders kijken en luisteren’ is een integratieve aanpak, waarbij een grote bagage aan theoretische kennis en ervaring probeert tegemoet te komen aan de echte hulpvraag van het kind of de jongere.

Deze aanpak vinden we terug in het Integratief Orthopedagogisch handelen. We citeren: “Het probleem van de verhouding tussen rationalisme en empirisme wordt vereenvoudigd wanneer men ervaren, beleven, handelen en denken als integratief procesmatig interagerend beschouwt. Geen verenging in rechtlijnige categorisatie of kwantifering” (Broekaert, 2009, p. 23). 

BLEEKWEIDE

Groot-Begijnhof 16 A

9040 Sint-Amandsberg (Gent)

BE 0809 157 172


aanmeldingen@bleekweide.be

info@bleekweide.be


woensdag en vrijdag telkens van 10U-13U

09 229 36 42